Posts tonen met het label toeristisch leven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label toeristisch leven. Alle posts tonen

maandag 27 oktober 2014

Het meer, de bomen en de bergen in de verte

In de 17e eeuw werd er ten behoeve van de watervoorziening van het Canal du Midi een meer gegraven bij Revel, aan de voet van de Montagne Noire. Le lac de Saint Ferréol heet het, en het ligt op een uurtje rijden van Toulouse.
Je kunt er heerlijk zwemmen, en de dennenbomen geven het gevoel heel ergens anders te zijn. In Zweden of zo. (Mijn beeld van Zweden is gevormd door Zweedse jeugdfilms uit de jaren '70, waar het altijd zomer was en kinderen op blote voeten door de bossen renden op weg naar een meertje.)


Het meer ligt op het grondgebied van vier dorpen die tot drie verschillende departement behoren, en twee verschillende regio's. Het is dus een driedepartementenpunt (Aude, Haute-Garonne en Tarn) en  een tweeregio's-punt (Midi-Pyrénées en Languedoc-Roussillon). De gemeente Revel heeft er een bord aan gewijd. Maar het gaat hier om het water, de bomen en de bergen in de verte, niet om onzichtbare geografische punten. 

De dame van de winkel met strandballen en ansichtkaarten geeft me een niet heel recente kaart en kruist met balpen aan wat er allemaal is verdwenen: camping de Lasprade en de gelijknamige discotheek, de school, de gendarmerie, de vakantiekolonie van de SNCF, de buitenschoolse opvang van Revel en twee hotels. Ook discotheken Le Solaimon en Le Brezzy  zijn er niet meer.
 

Ze vertelt het treurig. Maar het gaat me toch echt om het water, de bomen en de bergen in de verte. 

dinsdag 30 juli 2013

Poëzie

We waren dus ook in Narbonne, wat een bijzonder leuke en bovendien poëtische stad bleek te zijn. Her en der waren er gedichten te lezen, en teksten van  Charles Trenet die in Narbonne geboren is (wist ik niet) en dat is dit jaar bovendien 100 jaar geleden.


Leuk, toch? 

Achter een kerk liepen we vervolgens op een gedicht van Theun de Vries, in het Fries en Frans in de grond gebeiteld. Ik ken maar één gedicht van Theun de Vries, en dat is dit gedicht. En ik vind het prachtig.



vrijdag 26 juli 2013

Met het hoofd in de hand

Onlangs las ik l'éléphant, dat is een 'revue de culture générale' en algemene cultuurgaten opvullen kan nooit kwaad. Ik las het op het strand, want ik was even op bezoek bij zoonlief die tijdelijk op een camping aan de Middellandse Zee werkt.
De artikelen in l'éléphant zijn niet extreem lang en niet extreem ingewikkeld, ideaal als je neigt tot in slaap vallen op het strand. Ik las (met onderbrekingen) een interview met de filosoof Michel Serres dat ik niet ga navertellen, op één ding na. Sprekend over moderne technologieën legde meneer Serres een verband tussen de heilige Didier die in de 3e eeuw in Parijs onthoofd werd en vervolgens nog enige tijd rondliep met zijn hoofd in de hand, en de moderne mens met zijn I-pod. Beide lopen als het ware rond met kennis in de hand. Toen ging ik zwemmen.

De volgende dag gingen we een kijkje nemen in Béziers (en Narbonne, maar daarover wellicht later). Nooit gelezen dat er een heilige met zijn hoofd had rondgelopen, nooit een beeld van een onthoofde heilige gezien, et voilà. Hij heette weliswaar niet Didier, maar Cyr (tenzij dat dezelfde is, hoewel deze in Béziers onthoofd zou zijn). Sint Cyr met zijn Ipod uit de 3e eeuw na Christus.






dinsdag 25 oktober 2011

Steenmannetje

In de bergen - of in ieder geval in de Pyreneeën en op Corsica, de rest ken ik nog niet goed genoeg - worden de stenenstapeltjes, die zo handig zijn als je niet helemaal zeker weet of je goed loopt, cairns genoemd. Dat klinkt als kern, maar ik neem aan dat dat toeval is, al kom je in de bergen wel aardig tot de kern. Volgens de wikipedia komt dit woord van het Schotse càrn, wat verder hetzelfde betekent.
In het Nederlands heten ze steenmannetjes, een leuk woord. Of zou het steenmensjes moeten zijn?
Ik had al een Corsicaanse cairn geplaatst, bij deze een Pyrenese. Extra praktisch als het mist.

woensdag 19 oktober 2011

Eerste keren

Over sommige eerste keren wordt nogal wat ophef gemaakt, soms tot op het dramatische af. Dat eerste stapje van je kind, hoe vaak hoor je dat niet in discussies over werkende moeders!
Alsof een kind maar een stap zet. En alsof het na die ene stap uit is met nieuwe stappen in het leven. Ik zet er nog regelmatig eentje.

Zo heb ik van de zomer voor het eerst van mijn leven een afwasmachine aangeschaft (hij wast zo matig dat ik al lang weer achter het teiltje sta), en voor het eerst in een refuge geslapen. Dat laatste was tijdens een fantastische driedaagse wandeling met zoon in de Pyreneeën. We vertrokken in dikke mist en dat was maar goed ook, want als ik had kunnen zien hoe hoog we dag één moesten klimmen had ik niet zo vrolijk doorgelopen.

De eerste refuge was helemaal top, de tweede was voller en dan lig je wel krap. Bovendien stoot ik een onbekende snurker minder makkelijk aan, al heb ik ook dat deze  zomer voor het eerst gedaan.

Op weg naar refuge 1, die van Migouélou.

Refuge, de wolken beginnen te verdwijnen.

De volgende ochtend. De wolken halen ons niet meer in. 

Onderweg, een hondenbeest.

Dag drie, een stukje door Spanje. 
Mooi hè.

donderdag 1 september 2011

Nog even Corsica, voor de school weer begint

Ik heb niet zoveel met de kleine keizer, maar dit vond ik mooi.

En dit is natuurlijk nog veel mooier.

Wij dachten toch echt dat dit kogelgaten waren, want wat is het anders?

Ook in Corsica blijken deze stapeltjes cairn te heten. Net als in de Pyreneeën.

Voor iemand die een zwak heeft voor varkentjes was dit wel een van de hoogtepunten. 
Ik vind het zelf nogal vervelend als mensen roepen dat ze het zo waanzinnig druk hebben, dus dat hoor je mij niet doen, maarre... heel rustig is het nou ook weer niet. Daarom nog een visueel intermezzo en daarna... 

donderdag 25 augustus 2011

Postbode Guy

Op Corsica gingen we - al was het behoorlijk warm - ook wandelen. Niet hele dagen, maar toch wel af en toe hele uren. Een wandeling ging naar Girolata, een dorpje dat alleen via een smal paadje (2 uur lopen), of over zee bereikbaar is.
In Girolata wonen 's winters nog 15 mensen; 's zomers is het wat drukker. Stukken drukker eerlijk gezegd: per boot komen dagelijks zo'n 2000 mensen langs en dan zijn er ter plekke ook veel meer handen nodig. Ik las een interview met een echte Girolater; de laatste die - in 1949 - in dit dorp geboren was. Op de dorpsschool, waar zijn moeder les gaf, zaten toen 45 kinderen.

Het pad  naar Girolata wordt ook Le sentier de Guy le Facteur genoemd, wat veel meer tot de verbeelding spreekt. Zwetend en klimmend vroeg ik me af wanneer Guy hier gelopen had met zijn postzakken, en hoe vaak hij dat dan deed. Ik ging op zoek naar een ansichtkaart en verwachtte een zwart-wit afbeelding van 100 jaar geleden. Maar Guy is nog helemaal niet zo lang met pensioen. Ik vond een kaart bij het caféetje op de parkeerplaats waar de wandeling begon. Als de post niet per boot kon worden gebracht, dan deed Guy het.  Hij heeft dan ook nog steeds een uitstekende conditie.



zaterdag 13 augustus 2011

Pauze

Ik pauzeer even op Corsica, na een hectische periode waarin ik al die geplande stukjes niet kon plaatsen en hier is gewoon lekker weinig wifi. Perfect, eigenlijk.

dinsdag 26 juli 2011

Nog even olympisch

Helemaal vergeten, maar op de vraag waar dat Olympische café lag, heb ik destijds antwoord gekregen: het is in Capvern, een dorpje in Hautes-Pyrenées (département 65). Ik weet niet meer of het Capvern village is (op 630 meter), of Capvern-les-Bains (op 475 meter), maar ik meen de eerste. Ze horen hoe dan ook bij elkaar.

Les bains wijst erop dat we te maken hebben met een thermische badplaats, en bij deze kun je terecht voor aandoeningen aan l'appareil urinaire et digestif maar ook voor les maladies métaboliques et la rhumatologie. Sinds 2010 kun je, mocht je geen van die aandoeningen hebben, naar het welzijncentrum (centre de bien-être) Edenvik voor het gewone badderen, zweten en luieren. Dat soort centra zijn de afgelopen jaren in bijna alle oude kuuroorden verrezen. Tijdens deze natte zomerse dagen doen ze vast goede zaken.


Mijn foto dateert van voor 2010, maar ook toen zag Capvern er niet overal zo treurig uit als de foto doet vermoeden.

dinsdag 12 juli 2011

Even weg

Dat ze in Dijon een geluksbrengend uiltje hebben
Ik was even bezig met de viering van een Nederlands-Engels-Luxemburgs-Servisch huwelijksfeest, dat in Luxemburg gevierd werd. Ook de reis duurde even.
Wat ik geleerd heb - behalve dat Nederlands-Engels-Luxemburgs-Servisch huwelijksfeesten heel gezellig kunnen zijn - is onder andere:

Dat er zelfs ansichtkaarten bestaan van Aires d'autoroute

En sommige aires het mooiste uitzicht bieden vanaf de wc
Het glas-in-lood van Chagall inderdaad mooi is
Dat er gouden torens zijn vol tolken en vertalers
Dat sommige mensen van nog veel verder tot Dijon reizen

donderdag 30 juni 2011

Nog ééntje

Geen drankje, maar een plaatje dus. Want deze is ook heel erg mooi: de arena van Castelnau Rivière Basse (prachtige naam ook).


zondag 26 juni 2011

En dat andere stierengebeuren


Ik kan wel doen alsof er in het zuidwesten alleen maar vredelievende niet-stierendodende mensen leven, maar dat is niet helemaal waar. Er is minstens één plek waar "gewoon" wordt gestierenvochten of stierengevecht, en dat is in Vic Fézensac. Ze doen het niet zo vaak...
Maar ze organsieren er wel een groot feest omheen, met pinksteren en dat heet dan Pentecote à Vic. Daar ben ik nooit bij geweest, maar ik ben wel op andere momenten in deze Vic geweest, en dan zijn er nog wel wat stierensporen te vinden.

dinsdag 14 juni 2011

Dan maar in papieren vorm

als ik het al bloggend enigszins laat afweten.
Sinds enige dagen namelijk in de winkel: het zomernummer van Leven in Frankrijk, met een lang artikel over Toulouse en een kortere over Bleu de Lectoure, wat geen kaas is maar dat wist iedereen natuurlijk. Geschreven - dit voor alle duidelijkheid, want waarom zou ik er anders melding van maken - door mij.

Na lang nadenken en veel rekenen ben ik tot de conclusie gekomen dat degene die het blad alleen maar zou kopen om iets van mij te lezen, nog geen halve cent per michgelsenwoord betaalt. En dan heb je al die andere artikelen er gratis en voor niets bij!

Omdat het me niet lukt een pdf-bestandje van een van de pagina's hier neer te zetten, maar de vlag van Occitanië, gefotografeerd op de binnenplaats van het Ostal d'Occitània, in Toulouse.

woensdag 9 maart 2011

stage

Op de een of andere manier ben ik ooit op een website van de Académie terechtgekomen - die voor onderwijs, en dan de afdeling Midi-Pyrénées - en dat als persoon die een 'stage d'anglais' kan verzorgen.
Ik kwam erachter omdat ik als zodanig benaderd werd door het lycée van Nogaro (ruim 50 kilometer ten noordwesten van Mirande). Ik wist wel dat ik ooit een poging had gedaan me daarvoor op te geven, maar daar had ik nooit meer iets op gehoord, dus het was wel een verrassing.
Toch wilde ik de beker aan mij voorbij laten gaan, omdat ik genoeg werk heb en het werken met drie vreemde talen me zelfs meer dan genoeg leek,  maar dat lycée kon niemand anders vinden, de onderdirectrice van het lycée was vreselijk enthousiast, en ik werd nieuwsgierig naar iets nieuws.

Dus vorige week heb ik 15 uur intensief Engels gedoceerd. Valt nog niet mee, 15 uur (verdeeld over tweeënhalve dag) vol praten, maar het is ons (ons, omdat de leerlingen vooral moesten praten, al moest ik verzinnen waarover en hoe het eruit te krijgen) gelukt.
Daarna heb ik, net als die leerlingen, even welverdiend van een paar dagen vakantie genoten.
Nogaro is trouwens erg lelijk. Heel erg lelijk zelfs. Misschien is het wel het lelijkste stadje van de Gers. Ik kom er zelden, ik heb er meestal niets te zoeken. En ik heb ook niks moois gevonden, toen ik in mijn eerste lunchpauze even ging rondwandelen. Behalve misschien de arena (voor de course landaise). De trots van Nogaro is overigens de racebaan. Maar of die nou mooi is...







donderdag 4 november 2010

Hoe mooi lelijk is

We gingen dus even op pad, kinders en ik. Het was herfstvakantie, en met de benzine leek (en bleek) het in onze hoek eigenlijk wel mee te vallen.
Naar Montpellier, waar we echt niet alleen Lenin hebben bekeken, maar ook het oude centrum en de nieuwe wijk Antigone daar vlakbij. Indrukwekkend, ik begrijp nu waarom Montpellier een van de snelgroeiendste steden, of misschien wel dé snelgroeiendste stad, van Frankrijk is: mooi, ruim, zonnig, gezellig, en de Middellandse Zee ook nog eens binnen handbereik.


Door naar Aigues Mortes en de Camargue, waar inderdaad witte paarden, zwarte stieren en roze flamingo's wild stonden (ik wilde "rondliepen" schrijven, maar ze bewogen eigenlijk niet).

Ons hoofddoel was Port Saint Louis, wat klinkt als een pittoresk havenstadje maar dat niet is. Marseille is niet meer ver, en de grote zeehaven van Marseille al helemaal niet, noch de industrie en rookpluimen die daar bijhoren. Maar mooi hoor, lelijk kan zo mooi zijn. Ik vond het eigenlijk mooier dan de toeristische trekpleister Aigues Mortes. En je komt een stuk minder toeristen tegen.

maandag 1 november 2010

Nog één keer

Het is herfstvakantie en we gingen onder andere naar Montpellier. Ik begon er niet over, maar zoon wilde  graag Lenin zien. En ik wilde eigenlijk wel even checken of ik in september de goede Lenin onder het plastic had herkend. Dat bleek gelukkig te kloppen.



Toch was het geen Lenin zoals ik Lenin ken. Hij is te dun, te petiterig. Te Frans.

Kijk, zo ken ik hem.

dinsdag 19 oktober 2010

... en kastelen

De moderne plaatsvervanger van het kasteel is volgens het eerdergenoemde boek de watertoren. Een watertoren heet in het Frans een château d'eau, dus dat is al een stuk kasteliger. Ik vind ze ook mooier dan een graansilo. En opvallender, want ze moesten vanwege hun functie op het hoogste punt van de omgeving gebouwd worden. Daar duiken ze op en weg achter andere heuvels, boomtoppen of maisvelden.
Ze lijken op een vuurtoren, of op een ufo.


De ufo van Duffort

Het baken van Mirande

De vuurtoren van St Martin

De oudste watertorens dateren uit de 19e eeuw, maar in de Gers zijn ze allemaal van recentere datum. Dankzij de watertorens was eind jaren '80 eindelijk elk Frans huishouden te voorzien van stromend water. Nu zijn ze in veel gevallen eigenlijk niet meer nodig; de waterdruk kan op andere manieren geregeld worden. Soms krijgen ze een paar antennes op hun dak, soms worden ze afgebroken. 
Wat moeten dan de kastelen van de 21e eeuw worden?

vrijdag 15 oktober 2010

Forten

Een tijd geleden las ik in een boek over de Gers dat de forten en kastelen van weleer voor een groot deel verdwenen waren, maar dat ze hedendaagse plaatsvervangers hadden. De plaatsvervanger van het fort was de silo.

Zo had ik de silo nog niet bekeken, terwijl er hier toch een flink aantal te bekijken valt. De charme van industrieel erfgoed zie ik nog wel, maar vooral als de boel verlaten en liefst ook vervallen is. De silo's zijn echter nog in vol bedrijf.

Maar ik heb me ervoor opengesteld. Hieronder een rondje silo's - en nog niet eens allemaal - in een straal van zo'n 25 kilometer rondom Mirande. Best mooi, eigenlijk.

Berdoues

Fontrailles

Mirande

Mont de Marrast

St Elix Theux

St Ost