Posts tonen met het label muziekleven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label muziekleven. Alle posts tonen

donderdag 24 mei 2012

Zingen!


Toen ik nog in Amsterdam woonde, zong ik mee. En nu zing ik mee, als ik in Amsterdam ben. Hierboven een filmpje, van Iris Koppe en Daan van der Leen, van het jubileumconcert in de Noorderkerk in Amsterdam.
De komende dagen zijn de Soroki (zo heet het koor; het betekent eksters) in Mirande. En nu zingen we ook. Les pies qui chantent, dat zijn Franse eksters. Het is ook een snoepjesfabriek.
De zingende eksters zijn op tournee, met optredens in St Martin en Trie sur Baïse. Komt dat zien!

dinsdag 19 juli 2011

Stilte

Gisterenavond was het stil in Mirande. Opvallend stil. Niet dat er iets aan de hand was, juist niet, het was een niets-aan-de-hand-stilte die opviel na vijf dagen herrie. Het was weer koentrietijd; ik schreef er vorig jaar al over. Vijf dagen lang cowboys, indianen, panfluiten, motorfietsen, Amerikaanse sirenes, linedancers en de geur van kebab, eendenvet en churros, want sommige dingen zijn op alle festivals hetzelfde.

Op het centrale plein, vlak bij mijn huisje, was het zogenaamde off-gedeelte van het festival, met kleine bandjes, spontaan gelinedans, genoemde hapjes, en kraampjes met cowboyhoeden. Het festivalterrein ligt verder, maar het geluid is een stuk professioneler en draagt ver. Thuis hoor ik niets van het off-gebeuren, maar kan ik wel het officiële programma volgen. Het stoort me niet, ik weet dat het maar vijf dagen duurt en het heeft wel wat in slaap te vallen terwijl Zucchero onder je slaapkamerraam Senza una Donna zingt. (Country is een breed begrip; het muziekprogramma varieert van Hillbilly Deluxe tot Christophe).

Alleen hond Bella leed: elke avond probeerde ze wanhopig via de trap de slaapkamers te bereiken en dat doet ze anders nooit. Haar angst voor ongewone geluiden bleek sterker dan het strenge verbod of de gladheid van de treden; alleen een in de loop van de nacht groeiende hoeveelheid stoelen voor de trap kon haar van deze klimpartijen weerhouden.

Zondagnacht verdwenen de kraampjes, maandagochtend werd ik wakker van vuilnis- en veegwagens, gevolgd door een meneer van twee straten verderop die aanklopte om te melden dat mijn fiets bij hem aan het hek hing. Waarschijnlijk een grap van een paar vrolijke cowboys; de fiets was verder ongedeerd. 's Middags verdwenen de laatste motoren en campers, de laatste cowboys en mohikanen. Toen ik 's avonds laat het rondje met Bella liep viel me dus die stilte op. Alleen de laatste kleurige vlaggetjes wapperden nog heel zachtjes in de wind.

We hebben allemaal heerlijk geslapen.

vrijdag 4 maart 2011

20 ans déjà

Eergisteren, op 2 maart, was het 20 jaar geleden dat Serge Gainsbourg overleed. Tien jaar geleden werd uitgebreid herdacht dat dat - inderdaad - 10 jaar geleden was. We woonden nog maar kort in Frankrijk en eigenlijk wist ik niet zo veel van Serge. Ik herinnerde me vooral het ongemakkelijke gevoel van middelbareschoolfeestjes, als die "hijgplaat" (Je t'aime moi non plus) werd opgezet. Wat duurde dat plaatje verschrikkelijk lang.  

Dit jaar lijken er nog veel meer herdenkingsprogramma's te zijn. Ik telde er zeker vier op de televisie, plus nog een hele dag op radio France Inter. Maar de hiaten in mijn kennis van 10 jaar geleden waren al redelijk opgevuld. Ik weet inmiddels dat Gainsbourg (in 1928 geboren uit Russisch-joodse ouders trouwens) een aantal, zelfs een heel flink aantal, eigenlijk gewoon heel erg veel, mooie tot prachtige teksten en melodiën heeft geschreven.
Dat hij zich er soms te snel, of met weinig smaak vanaf maakte (let bijvoorbeeld op de snikkende-vrouw-geluiden op Je suis venu te dire); het zij hem vergeven. Zeker deze dagen.

zondag 30 januari 2011

Mooie muziek

Sinds september zing ik eindelijk weer eens in een koortje. Niks Russisch, wel veel sacraals, afgewisseld met een eeuwenoud liefdesliedje of een oud gedicht op hedendaagse muziek. Alles vierstemmig en soms ook meer, maar dat laatste is niet de bedoeling en klinkt dan ook niet goed. Leuk is het wel.

Onze juf Cécile heeft een prachtstem. Ik heb haar net beluisterd op myspace; het lukt me niet de muziek meteen op mijn blog te zetten, maar wie (bijvoorbeeld op deze druilerige zondag) zin heeft in iets moois moet beslist even op de link klikken. Ik ben helemaal in de ban van het Requiem van Alain-Paul Gaillot (nummer 2 op de lijst), een jonge componist uit de Midi-Pyrenées.

vrijdag 16 juli 2010

Cowboys




Mirande is doorgaans een rustig plaatsje, behalve tussen 13 en 19 juli, want dat vindt het country & western festival plaats. Koentrie zeggen ze hier, en het lukt me inmiddels niet meer het woord nog op zijn min of meer Engels uit te spreken.

In het centrum lopen cowboys en enkele indianen, er zijn opvallend veel motorfietsen en af en toe klinkt de sirene van de politie-auto uit Dallas die op het festivalterrein tussen de andere Amerikaanse slees en campers staat. Her en der wordt er ge-linedanced (line gedanst?), er zijn houthakkerswedstrijden en binnenkort worden de miss en mister Koentrie gekozen.

Ik ben geen countryfan, al heb ik altijd een zwak voor Dolly Parton gehad. Het enige countrymuziekje wat ik ooit op een cassettebandje had staan was Calypso van John Denver, en dat was ergens in de jaren '70. Maar al die cowboys, cowgirls en indianen zijn lief. Ze mogen weer even degenen zijn die ze vroeger zomerdagen en -avonden lang ongeneerd konden wezen, en af en toe nog zo vreselijk missen.

dinsdag 22 juni 2010

Nog meer muziek


Gisteren was het in heel Frankrijk en, als ik wikipedia moet geloven, in 110 andere landen, het Fête de la Musique. Het werd hier in 1983 ingevoerd onder cultuurminister Jack Lang en het is een groot feest. Als Nederland ook bij de 110 landen hoort, dan is het muziekfeest me daar altijd ontgaan.

Omdat het dit jaar op een maandag viel hadden veel dorpen afgelopen weekend al iets muzikaals gepland (mijn dorp niet), maar in onze departementshoofdstad Auch was het gewoon gisteren feest. Toevallig is het ook precies sinds gisteren mooi weer; het weekend was het nog gewoon herfst, bijna winter zelfs. Ik hoop dat het nu tot 21 december zomer blijft, want ik vond het maar koud.

In Auch stonden verspreid in de stad drie grote podia, en verder speelden er bij alle café's en restaurants - en dat waren er veel meer dan ik dacht - bandjes. En wie niet op een podium of bij de horeca was uitgenodigd, speelde gewoon ergens op straat.
Op de 21e juni schijnen er zo'n 18.000 concerten plaats te vinden, door vijf miljoen musici, en met 10 miljoen mensen als publiek. Zoon hoorde bij die vijf miljoen (op een podium!), en ik bij de tien. Stom dat ik nooit eerder de muziek en het begin van zomer gezamelijk gevierd heb, maar volgend jaar ben ik er weer bij.

donderdag 17 juni 2010

Mooi Limburg



Ik wil toch ook graag iets moois uit Limburg laten horen. Rowwen Hèze bijvoorbeeld.
J'adore!

zondag 16 mei 2010

Ecologische rock


Gisteren speelde de band van Zoon op een eco rock festival in Ladevèze-Rivière. Dat bleek een dorp zo groot als mijn eigen dorp en ik was er al doorheen voor ik iets had gezien dat op een festival leek. Na omgekeerd te zijn bleek het festival in de lokale feestzaal te zijn, terwijl ik onbewust toch op zoek was naar een pinkpopachtig terrein.
Het was erg leuk, daar niet van. Drie bandjes uit de Gers en de hoofdact - Nelson Toubab - uit Toulouse, en je kon gegrilde eendeborst eten onder de overkapping.
Elders in de Gers hagelde het, wij kregen helemaal voor niks een prachtige regenboog.

woensdag 31 maart 2010

Indochine


Jaren geleden nam ik van de dorpsbibliotheek een cd van Indochine mee. Ik wilde ze eens horen en sindsdien is zoon fan.
Gisteren had ik de eer met zoon mee te mogen naar een concert in Toulouse (echtgenoot en dochter zijn al eens meegeweest, ik ben de traagste thuis). En nu heb ik oordoppies in het hoofd en hoor nog eens La république des meteors (dat is de laatste cd). Niet dat ik die niet kende, ik ken alle cd’s van Indochine, maar ze zijn altijd passief tot me gekomen. Nu heb ik ‘m zelf opgezet.

Ik was de laatste maanden in een intensieve training, met een speciaal cassettebandje (ja, die bestaan nog) die zoon voor in de auto had gemaakt, want die auto is ook niet zo nieuw en heeft slechts radio en cassette. Ik scoor erg laag in titelkennis, en andere vragen (“hoe heette de drummer die tussen 1991 en 1993 bij Indochine speelde?”) kan ik geheel niet beantwoorden, maar gisteren bleek dat ik veel liedjes wél kan meezingen. En ik kan ook nog steeds op mijn vingers fluiten, maar dat heeft verder niet zo veel met Indochine te maken.

Voor degenen die denken dat Indochine een obscuur bandje is: alle concerten van hun meteortour zijn uitverkocht (gisteren waren we met zijn negenduizenden) en op 26 juni spelen ze in een (ook uitverkocht) Stade de France om hun dertigjarig bestaan te vieren. Daar gaat zoon ook heen. Met zijn vader. Ik ken mijn plaats. Maar ik ben nu wel een beetje jaloers.

dinsdag 3 maart 2009

Noir et Blanc

Een tijdje terug waren we op een muziekavond. Ik dacht, laat ik dat maar opschrijven want sommige mensen denken dat ik op het Franse platteland volledig verstoken ben van elke vorm van cultuur. Maar nee hoor, ik ga niet alleen regelmatig naar de film, ik ga zelfs naar concerten.

Deze keer gingen we naar een duo dat zich Noir et Blanc noemt en dus piano speelt. Ze speelden die avond in hun eigen huis in een piepklein dorpje, waar verder alleen een kapelletje en een groot internaat staan. Die avond stond muziek van Fauré, Ravel en Brahms op het programma en een maaltijd, want ook eten is ook een cultureel en artistiek gebeuren, in ieder geval in de Gers.

Omdat ik het niet altijd even makkelijk vind mijn gedachten bij muziek te houden en ik bovendien naast een behoorlijk hete verwarming zat, mijmerde ik een beetje over het publiek, dat voor ongeveer 1/3 uit buitenlanders – voornamelijk Engelsen – bestond. Het was me voor aanvang van het concert opgevallen dat de buitenlanders elkaar (tenzij ze al bekenden waren) onopvallend en volledig ontweken.
Vooral Nederlanders zijn daar sterk in. We lopen niet zo gauw naar iemand toe, louter en alleen omdat die toevallig ook een Nederlander, of een niet-fransoos is. Stel je voor zeg. We redden ons prima zonder. Misschien hebben we een hoog inburgeringsverlangen, maar het kan natuurlijk ook arrogantie zijn, verlegenheid, of afkeer.

Ondertussen is het soms erg aangenaam onder andere Nederlanders te verkeren, vanwege iets dat ik voor het gemak het pindakaaseffect noem. Pindakaas kan desgewenst vervangen worden door verse haring, drop, Swiebertje, het Jeugdjournaal, André Hazes, de Volkskrant enzovoort: de gedeelde achtergrond, en de gedeelde cultuur in de breedste zin des woords. Maar op de avond van Noir et Blanc hoefde er niks gedeeld te worden. Misschien wilden we allemaal even laten zien cultureel bezig te zijn, of leuk ingeburgerd.
De verwarming weerhield me ervan tot diepzinniger conclusies te komen.

donderdag 19 februari 2009

Adamo

Ik zag Adamo op de televisie. Een tijdje terug heeft hij een cd uitgebracht met duo’s en die verkoopt erg goed, aldus de mevrouw van de tv. Of misschien ook wel niet zo goed en dat hij daarom ‘de gast van de laatste 5 minuten’ is bij het middagjournaal, maar dat doet er niet toe.
Adamo, Salvatore Adamo, had zijn eerste hits eind jaren ’50. Inmiddels is hij 65, maar hij heeft nog steeds die charmante, beetje hese stem en hij komt verschrikkelijk aardig over. Un mec bien. Hij zingt Pauvre Verlaine met de jonge zanger Stanislas. Het lied blijft dagenlang in mijn hoofd hangen

Mijn twee oudste zussen waren vroeger enorme Adamofans. Ze waren dan ook een stukje ouder dan ik; in mijn middelbare schooltijd was Julien Clerc de grote held. Mijn zussen hadden schriften vol foto’s van Adamo, en van de gehele familie Adamo, want hij had een hoop broers en zussen. De familie was vanuit Sicilië naar Wallonië geëmigreerd, waar destijds veel Italianen in de mijnen werkten. Mijn oudste zus schreef Adamo ook een brief en nodigde hem uit op de thee. Een tijdlang haastte ze zich elke dag na school naar huis, omdat Adamo misschien op haar zat te wachten, tenminste, dat wil de overlevering. Ik kan haar niet meer vragen of het waar is.

Het is nooit in me opgekomen om een cd van Adamo te kopen, maar ik weet opeens zeker dat ik deze moet hebben. Ik ben oud genoeg om te begrijpen dat Adamo nooit bij mij op de thee zal komen; dan luister ik wel naar hem bij de koffie. Op Le Bal des Gens bien zingt Adamo 18 van zijn eigen hits; allemaal liedjes waarvan hij zowel de tekst als de muziek heeft geschreven. Ik wist helemaal niet dat hij dat allemaal zelf deed. Hij zingt met even oude, maar ook veel jongere collega’s. Ik vind het geweldig. Ik geloof dat ik een fan ben.


Hier: http://www.youtube.com/watch?v=_c-7fyMv9Uw&feature=related, kun je Adomo zien met Olivia Ruiz.

donderdag 24 juli 2008

muziek

We waren even in Nederland – verjaardagen en zo. In de auto hoorden we de Tourradio. Steeds weer diezelfde liedjes, zoals ze die twintig, dertig jaar geleden ook al speelden. Alsof er helemaal niks veranderd is en ze in Hilversum nog steeds alleen maar de cd-set Vive la France hebben.
Zeker drie keer Gérard Lénorman gehoord met zijn presidentswens. Ook Michel Fugain et zijn Big bazar blijft populair. En we luisterden niet eens dagelijks naar de radio.
Dit artikel http://www.vk.nl/fransemuziek deed me goed, al noemen ze Têtes Raides niet. Voor de dieper geïntereseerde: bij correspondent Olivier van Beemen kun je vaak iets leuks horen op zijn parijsblog (http://www.parijsblog.nl). Hij verwijst ook door naar de site van fluistermeisjesfan Guuzbourg op www.fillessourires.blogspot.com.
Waarom zoveel Franse zangeressen overigens zingen met een kinderstemmetje is een van de prangende vragen waar ik ooit nog wel eens op terug zal komen.